Terug naar de interviews

Waar een wil is, is een weg

Toegevoegd op : 1 september 2016

K3-muziek klinkt uit de speakers en Linda serveert kinderbiscuitjes bij de koffie: de aanwezigheid van kinderen bij Linda en haar man Pascal thuis is overduidelijk. Er is nog iets dat duidt op de aanwezigheid van kinderen: tekeningen. Niet één, maar een stuk of vijf. En niet op papier maar op de witte muren! Het werk van het vrolijke pleegkind (2) dat sinds 8 weken deel uitmaakt van hun gezin.


Goede planning
De ambitie om ooit pleegouders te worden, was bij Linda en haar man al tijden aanwezig: voordat ze zelf kinderen kregen, was het al eens ter sprake gekomen. Nu ze drie eigen kinderen hebben (de 9-jarige Lucas, Thirsa van 6 en Maud van 4) en er voldoende ruimte in huis is, hebben ze zichzelf een aantal maanden geleden aangemeld als crisispleegouders. Linda is IC verpleegkundige en werkt nachten, weekenden en feestdagen. Deze onregelmatige werktijden hebben het stel niet tegengehouden: ‘Waar een wil is, is een weg!’ zegt Linda stellig. ‘Volg vooral je gevoel. Met een goede planning valt al veel te regelen.’

Meegaan in het ritme
‘Ja, ze is momenteel aan het onderzoeken hoe ver ze kan gaan’ vertelt Linda als de kunstige muurtekeningen in het gesprek aan de orde komen. Hoe ze daarmee omgaan, is zo klaar als een klontje: ‘We wijzen haar erop dat het geen acceptabel gedrag is. We gaan daar gewoon hetzelfde mee om als bij onze eigen kinderen.’ In alle opzichten gaat het 2-jarige meisje mee in het ritme van het gezin. De eigen kinderen hebben de kleine nieuwkomer met open armen ontvangen: ‘De drie hadden zelf al uitgedokterd wie nu waar aan de eetkamertafel kon zitten en de 6-jarige Thirsa bood zelfs al aan om op zolder te gaan slapen als er een pleegkind zou komen.’

Een mooie muur
Op de vraag wat het pleegouderschap Linda al heeft opgeleverd, antwoord ze eerst gekscherend ‘een mooie muur’. Toch kan ze na acht weken ook al een echte toevoeging benoemen. ‘Onze eigen kinderen hebben het goed en we vinden het fijn dat we andere kinderen daarin mee kunnen nemen. Andersom is het voor onze eigen kinderen heel leerzaam om te zien dat het ook anders kan zodat ze zich daar bewust van worden.’ Bovendien kon het meisje nog maar nauwelijks praten toen ze bij Linda en Pascal in huis kwam: ‘Ze kon eigenlijk alleen “nee” zeggen. De eerste keer dat ik het liedje “klap eens in je handjes” voor haar zong, keek ze me aan alsof ze water zag branden! Nu, acht weken later, hoor ik haar soms flarden van datzelfde liedje zingen door de babyfoon. Dat is waar je het voor doet!’

Gewoon doen!
Volgens Linda is een veelgehoorde reden om niet aan het pleegouderschap te beginnen: ‘dat past niet in mijn leven.’ Natuurlijk moet je er goed over nadenken, maar zoals de kersverse pleegouders het ervaren, is het niet zo dat ze hun leven rigoureus moeten omgooien. ‘Je bent ouder en het gezinsleven gaat gewoon door met een pleegkind erbij. Ook met onregelmatige werktijden is het goed te combineren. Je kunt je bij voorbaat druk maken en alleen maar beren op de weg zien, maar soms lossen dingen zich ook vanzelf op! Zo niet? Dan zijn de lijnen met de pleegzorgorganisatie heel kort. Dus kun je altijd vragen stellen aan vakmensen als je er zelf even niet uitkomt. De start van ons pleegouderschap was goed en heeft het leven van ons en onze eigen kinderen nu al verrijkt.’


Terug naar de interviews