Terug naar de interviews

Voor een goede samenwerking moet je open communiceren

Toegevoegd op : 24 januari 2009

Dat het nooit saai is bij de familie Van der Steen, bewijst het volle huis bij aankomst: de pleegouders Willem en Monique, pleegzoon Sandro, pleegdochter Jamie, buurmeisje Manon, de hond en twee katten vormen het ontvangstcomité. Naast Sandro (5 maanden) en Jamie (4 jaar) wonen ook zoon Roy (19 jaar) en dochter Kim (16 jaar) nog thuis. Ondanks de drukte thuis, zitten Willem en Monique absoluut niet stil; Willem is sinds kort zelfstandig hypotheekadviseur en Monique begint volgend jaar een eigen lunchroom in Wateringen. Niet zomaar een lunchroom, want de bediening bestaat uit mensen met een verstandelijke beperking.

Tijdens zijn werk bij de spoorwegpolitie in 1986 kwam Willem voor het eerst in aanraking met jeugdzorg. Hij ving toen een meisje op dat nergens anders terecht kon. Hoeveel impact dit op het meisje had, realiseerde hij zich pas toen hij jaren later het meisje weer tegenkwam. Zij herkende hem direct. Dit maakte indruk op Willem. Ongemerkt waren Monique en Willem al bezig met het opvangen van kinderen. Regelmatig kwamen vriendjes en vriendinnen van hun eigen kinderen over de vloer en bleven ook dikwijls eten en slapen. Ook Tim (inmiddels 20 jaar) is al sinds zijn zestiende kind aan huis en bleef regelmatig overnachten. Toch wilden Willem en Monique ook meer 'officieel’ kinderen helpen, in de vorm van pleegzorg. Zij kozen voor kortdurende pleegzorg, omdat zij het liefst zo veel mogelijk kinderen wilden helpen.

Niet volgens verwachting…
De eerste crisisplaatsing verliep niet volgens hun ideaalbeeld van pleegzorg. Van de ene op de andere dag werden een broertje en zusje van 9 en 13 jaar gebracht. Zonder enige achtergrondinformatie, wel met de mededeling dat de kinderen niet naar buiten mochten. Na enkele dagen bleek dat er ook sprake was van dreiging van buitenaf. Dochter Kim voelde zich niet meer veilig in haar eigen huis. Op dat moment koos Willem voor zijn gezin. “Het was een van de moeilijkste dagen van mijn leven, maar ik moest de veiligheid van mijn gezin voorop stellen. Dus ik heb de kinderen weggebracht en ik dacht: dít nooit meer!”

Toch maar wel…
Ondanks het voornemen om niet verder te gaan met pleegzorg, konden Willem en Monique niet weigeren toen de pleegzorgbegeleider belde voor nog een crisisplaatsing. Voor Jamie (bijna 2 jaar) werd een langdurig pleeggezin gezocht, maar of ze misschien voor vier weken bij familie Van der Steen terecht kon. Dat kon, met als gevolg dat zij verliefd op haar werden. Inmiddels woont Jamie al twee jaar bij hen en is zij niet meer uit het gezin weg te denken.
Willem en Monique hebben hun handen vol aan Jamie. In juni 2008 werd er echter weer gebeld; de pleegzorgbegeleider had een drugsverslaafde baby van 19 dagen oud waar hij een crisisplek voor zocht. Inmiddels is baby Sandro vijf maanden oud. Hij zit tijdens het interview tevreden op Monique’s schoot, onverstoord aan zijn fles te lurken. “Er is gekozen om Sandro voorlopig hier te laten. Hij doet het namelijk hartstikke goed! Hij is al een maand clean en doet dingen waarvan ze dachten dat hij het nooit zou kunnen. Hij lacht constant en is een heel vrolijk kind.”

Blijven communiceren…
“Toen wij voor pleegzorg kozen, dacht ik: je krijgt een kind met een heel team van hulpverleners er omheen. Het enige wat je hoeft te doen is voor het kind zorgen en het liefde te geven. Nou, dat was wel even anders…” In het begin viel de begeleiding die ze kregen Willem en Monique erg tegen. Nu hebben ze hun weg hierin gevonden en merken ze dat je ook zelf initiatief moet nemen. Het contact met de begeleider en de voogd is goed. Met de voogd hebben ze ongeveer één keer per maand contact. “Ook als er niets bijzonders te melden is, bellen we even. Gewoon de lijnen openhouden en blijven communiceren.” Dat is ook het advies dat Willem en Monique toekomstige pleegouders mee willen geven. “Voor een goede samenwerking moet je open communiceren. Een goede begeleider geeft bruikbare tips en kan veel onzekerheid wegnemen.”

Eigen kinderen…
“We hebben altijd overleg gehad met onze eigen kinderen. Die vonden het heel erg leuk en zijn al gewend aan veel kinderen over de vloer. Ze begrijpen de problemen van de kinderen ook. Nu pakt Roy gewoon de kinderwagen en gaat met Sandro boodschappen doen. En Jamie is niet bij Kim weg te slaan. Kim wil de jeugdhulpverlening in: ze volgt nu de opleiding PWJ (Pedagogisch Werk Jeugdzorg). Het gaat allemaal gewoon erg goed en het is druk, maar gezellig. En, van Obama, jeugdzorg, Sinterklaas tot Teletubbies. Alles komt hier aan bod…”

Moeilijk…
“Met deze twee pleegkinderen vind ik het moeilijk dat er bij de één wel een bezoekregeling is met ouders en bij de ander niet. Nu geven ze er niet zo veel om, maar als ze straks groter zijn, gaan ze vast vragen stellen. Het valt niet mee om aan een kind uit te leggen dat haar ouders geen contact willen.”

De toekomst…
“Voor Jamie zijn we een perspectiefbiedend gezin. Haar moeder heeft op dit moment geen contact met haar en er is sprake van een verlenging van uithuisplaatsing. Vervelend is dat we totaal geen zeggenschap hebben. We mogen niet met haar op vakantie naar het buitenland en we mogen in bijvoorbeeld het ziekenhuis nergens toestemming voor geven. In de toekomst willen we een verzoek indienen voor pleegoudervoogdij. Dan hebben we wel wat te zeggen over Jamie, maar blijft de hulpverlening aanwezig. Dat is toch wel heel erg fijn! En in principe willen we er geen pleegkind meer bij, maar we zeggen nooit meer nooit!”


Terug naar de interviews