Terug naar de interviews

Twee (pleeg)moeders, een tweeling en een pleegzoon

Toegevoegd op : 2 december 2013

Boxer ‘Mike’ komt enthousiast op me af en wordt direct naar zijn mand verwezen door Riemie (49 jaar). Kwispelend en met smekende ogen blijft hij in zijn mand staan. ‘Hij wil ook graag even kennismaken,’ zegt Baukje (42 jaar). Als gezinsonderzoeker en trainer van aspirant pleegouders zit ik ruim 3 jaren later weer aan dezelfde keukentafel met de twee (pleeg)moeders. Hun tweeling Djurre en Silke is inmiddels 8 jaar oud.

Ik herinner me nog één van de eerste keren dat ik bij het gezin over de vloer kwam. Toen waren de kinderen nog kleuter en liet Silke me trots een grote pop zien en zat Djurre wat verlegen te draaien op zijn stoel. ‘Onze kinderen hadden we goed voorbereid op de komst van een pleegkind en het wachten duurde best lang voor ‘die kinderkoppies’, vertelt Riemie. Regelmatig werd er gevraagd ‘wanneer komt ie nou’? Toen, een jaar na inschrijving, werd baby Jayden, geplaatst.

Ouders zoveel mogelijk meenemen
‘Van de matching weten we dat we als pleeggezin eerder in beeld waren, maar dat de ouders van het pleegkind toen zeiden hun kind liever niet bij een vrouwenstel te willen laten opgroeien. Met de ouders van Jayden was dit anders; zijn moeder vond de plaatsing bij twee vrouwen prima. Zijn vader wilde bij de eerste kennismaking eerst nog een rondje door ons huis maken. Hij ging na zijn constatering dat het allemaal veilig en goed geregeld was, ook akkoord. Baukje vult aan: ‘We snappen dat daar waar kan, het belangrijk is om al bij de start van de plaatsing de ouders zoveel mogelijk mee te nemen. Dan begin je voor alle partijen goed in een voor ouders toch verdrietige en belastende situatie. Jayden had een flinke achterstand, bleek ondervoed en kwam helemaal overstrekt bij ons binnen. In het begin ging het best goed. Hij was vrij rustig en had baat bij de oefeningen die een fysiotherapeut ons had aangeleerd om hem te kunnen helpen. Hier kunnen we er nog wel een paar van hebben, zeiden we tegen elkaar.’

Pittig
‘Toen hij al een poosje bij ons was, werd het pittig. Hij gooide met spullen, bonkte met z’n hoofd op de grond en uitte zich regelmatig erg gefrustreerd. Het was een moeilijke fase waar we door heen moesten. Jayden gaat nu met sprongen vooruit en heeft vooral nog achterstand in zijn grove motoriek. Afgelopen zomer durfde hij nog niet op zijn loopfietsje. Nu het buiten natter wordt, hebben we het fietsje in huis gehaald. We zetten het gewoon ergens neer en zien wel wat hij gaat doen,’ vertelt Baukje.

Zelf doen
‘Het is genieten nu het mannetje met glunderende oogjes voorzichtig zijn grenzen steeds verlegt. Onze dochter moet nu weer even wennen. Zij vond het prachtig om hem te helpen met bijvoorbeeld hapjes geven, maar dat wil Jayden natuurlijk nu niet meer. Hij wil meer zelf doen en krijgt steeds meer oog voor Djurre die van voetbal en stoeien houdt’.


Terug naar de interviews