Terug naar de interviews

Pleegkinderen op de boerderij, ruimte in hart en hoofd

Toegevoegd op : 24 augustus 2008

"Als je ziet dat een kind opbloeit, dat een kind weer vertrouwen krijgt in mensen, dat een kind weer kind kan zijn, dat is het allermooist", vertellen pleegouders Bouma uit het Groningse Ulrum. Samen met hun vijf kinderen, in de leeftijd van 12 tot 22 jaar, vangen zij pleegkinderen op voor kortere tijd.

Waarom pleegzorg?
De familie Bouma vangt al ruim acht jaar pleegkinderen op in hun gezin. Daarvoor kwamen er iedere zomervakantie kinderen uit het buitenland logeren, o.a. uit Roemenië. Ze bedachten dat er in Nederland vast ook wel kinderen in de knel zaten. “Misschien kunnen we die ook helpen?” Van het één kwam het ander en de familie Bouma schreef zich in voor de voorbereidingscursus voor pleegouders. De familie heeft bewust gekozen voor kortdurende zorg. Crisisopvang vonden ze te onrustig voor hun eigen kinderen. Ook de langdurende zorg, waarbij kinderen in principe tot hun 18e jaar in een pleeggezin wonen, had niet de voorkeur van dit pleeggezin. Vooral niet om mee te starten. Kortdurende pleegzorg gaf hen de gelegenheid om te wennen aan het pleegouderschap.
Mevrouw Bouma vindt het vanuit haar achtergrond als kleuterleidster een uitdaging de pleegkinderen te observeren en te stimuleren in hun ontwikkeling. 'Gezinsopvang’ is een intensieve, kortdurende vorm van pleegzorg bij het Leger des Heils. Deze vorm van pleegzorg sprak de familie Bouma aan en zo zijn zij terecht gekomen bij het Leger des Heils.

De pleegkinderen
Direct na het eindgesprek van de voorbereidingscursus werd hen gevraagd of ze een jongetje van drie jaar wilden opvangen. Dit werd hun start als pleeggezin.
Kinderen kwamen en kinderen gingen. De één bleef anderhalf jaar en een ander een paar maanden. Sommigen kwamen na een paar jaar nogmaals voor een periode terug, anderen verdwenen vergoed uit hun zicht. Er zijn perioden dat er één pleegkind in het gezin is, maar soms zijn er drie of vier tegelijk. De familie Bouma heeft tot nu toe aan ongeveer 15 kinderen onderdak geboden.
Pleegzorg is een keuze van hun hele gezin; het hele gezin staat er achter. Wanneer het te lang 'rustig’ blijft, vragen de kinderen wanneer er weer een pleegkind komt.

Kleine signalen
Hoe is dat, een kind welkom heten en na een poos weer uitzwaaien? Mevrouw Bouma: “Soms komen ze hier binnen, schuw of overactief, verwaarloosd, mishandeld. Dan is het zo prachtig wanneer je een kind zover krijgt dat het weer lacht en zich kan ontspannen. Dat het weer mens kan zijn. Het zijn vaak hele kleine signalen die je als pleegouder krijgt: een hand die de jouwe pakt, een hoofd dat even op je schouders rust.”
Het pleeggezin geeft eerlijk toe dat het met het ene kind beter klikt dan met het andere, maar met allemaal bereik je wel iets. “Ieder kind heeft iets goeds in zich”, aldus de pleegouders. Het kan bijvoorbeeld een druk, ontregeld en aandachtvragend kind zijn, maar datzelfde kind kan heel goed met Lego spelen.

Goede vervolgplek
Nadat de kinderen een tijd in het pleeggezin hebben gewoond, komt er meer zicht op een vervolg. Wat is het beste voor dit kind? Terug naar ouders? Of naar een pleeggezin waar het langer kan blijven wonen? Of is het kind zo beschadigd dat het niet in een pleeggezin kan blijven wonen en beter af is in een instelling? De familie Bouma is van mening dat de volgende plek voor een kind goed en langdurend moet zijn. Als het dan een paar maanden langer duurt voordat die plek is gevonden, dan mag een pleegkind zolang bij hen blijven. Op die manier is het afscheid goed en is er een hoopvolle toekomst.

Ouders
Ieder kind heeft ouders en ieder kind heeft recht op contact met die ouders. Voor de familie Bouma hoort dat er bij. Als het kan wordt de bezoekregeling tussen de kinderen en hun ouders op de boerderij afgesproken. Soms moet het op een neutraal terrein. Dan reizen de pleegouders met het kind naar het kantoor van de pleegzorg of bijvoorbeeld naar een speeltuin.

Begeleiding
Het pleeggezin wordt begeleid door de pleegzorgbegeleider van de Gezinsopvang. De pleegouders zijn blij met hun begeleiders: “Je kunt altijd met je vragen bij hen terecht en ze helpen je met praktische zaken, met opvoedingsproblemen, met oudercontacten, noem maar op.” Het pleeggezin bezoekt ook de pleegouderavonden, waar meestal een thema wordt behandeld, zoals hechting, ADHD, seksueel misbruik of juridische aspecten. Het contact met andere pleegouders en de informatie die ze op deze avonden krijgen ervaren ze als een extra steun.

De boerderij
De familie Bouma denkt zeker dat het wonen op een boerderij een positieve bijdrage levert aan het welzijn van de kinderen. Kinderen hebben hier letterlijk de ruimte. Een pleegkind zei eens dat ze hier lekker leeg in haar hoofd werd. Je moet kinderen niet te veel op de lip zitten, laat ze maar eens met rust. Hier kunnen ze even alleen zijn, hun eigen tempo zoeken. De pleegouders runnen een akkerbouwbedrijf. Er zijn vaak grote machines op het erf. Daarom is er een afgebakend deel op het erf waar de kinderen kunnen spelen. Buiten de hekken is er altijd toezicht van de pleegouders.

Wat kan beter?
Pleegouders kunnen zich opwinden over de financiële vergoedingen voor pleegkinderen en pleeggezinnen. Er is een maandelijkse pleeggeldvergoeding, maar daarnaast zijn er vaak extra kosten. Een bril, een fiets, het wordt maar voor een klein deel vergoed. Kinderen komen vaak met een lege tas in het pleeggezin, dan moet er kleding komen. “Voor al die extra kosten zou er misschien een beroep kunnen worden gedaan op het bedrijfsleven”, mijmert pleegvader, “Bijvoorbeeld een speciale koopavond in warenhuizen waar pleeggezinnen met korting kunnen inkopen. Of korting voor pleegkinderen bij de aanschaf van fietsen, brillen of andere hulpmiddelen. Korting op vakantiebestemmingen zou eveneens welkom zijn.” Het pleeggezin gaat jaarlijks een weekje op vakantie. Met hun grote gezin zijn ze aangewezen op de duurdere, grote vakantiehuizen.

Doorgaan zolang het gezellig is
“Zolang het nog gezellig is, blijven we pleegkinderen opvangen,” aldus de pleegouders.
Ze zijn begonnen met de opvang van kinderen jonger dan 4 jaar, omdat hun jongste kind die leeftijd had. Het leek de familie het meest natuurlijk om daarbij aan te sluiten. Nu is de jongste 12 en daarmee is de leeftijdsgrens opgeschoven.
Het is dankbaar, prachtig werk vindt de familie Bouma.


Terug naar de interviews