Terug naar de interviews

Eigenlijk zou iedereen een STAP-cursus moeten volgen

Toegevoegd op : 24 december 2008

Het is een druilerige middag, maar in de woonkamer brandt een gezellig haardvuurtje. Er is thee ingeschonken en op tafel lonken heerlijke pepernoten. Carola vertelt over de ervaring van haar gezin met crisisopvang voor SGJ Christelijke Jeugdzorg. Over wat een gezin kan betekenen voor een pleegkind en over jezelf tegenkomen.

Hoe zijn jullie pleegouders geworden?
We dachten op een gegeven moment: we hebben vier kinderen en we hebben het goed. De kinderen zitten lekker in hun vel en we hebben het samen goed. We wilden graag iets doen vanuit huis, dienstbaar zijn en met ons gezin iets betekenen vanuit het goede dat we zelf hebben gekregen. We wilden onze kinderen ook laten ervaren en meegeven dat al het goede dat ze hebben gekregen niet vanzelfsprekend is. Toen dachten we aan pleegzorg.

Hebben jullie dit met jullie kinderen besproken?
Nee, we wilden eerst kijken of het wel bij ons zou passen. Wij zijn naar een informatieavond gegaan van SGJ aangezien dat een bekende organisatie is binnen christelijk Nederland. Na die avond dachten we meteen: dit is wat we willen. Toen we het uiteindelijk met onze kinderen bespraken waren de reacties heel verschillend. De een was gelijk enthousiast terwijl een ander meer dacht: “Moet dat nou?”
We hebben ons vervolgens opgegeven voor de STAP-voorbereidingscursus bij SGJ. Vooral voor de STAP-cursus vonden wij het van wezenlijk belang dat die vanuit christelijk oogpunt werd gegeven. Ik denk dat je dan toch meer herkenning vindt in hoe je denkt en wat je doet, ook bij de andere ouders.

Hoe hebben jullie de STAP-cursus ervaren?
Het was heel intensief, maar heel erg leuk. Vooral het persoonlijke gesprek halverwege en het eindgesprek waren best intensief. De begeleiders gaan diep door op dingen en ze pikken er echt de dingen uit die belangrijk zijn. Ja, op dat moment is het wel heel wat, maar je leert ontzettend veel over jezelf. Over hoe je relatie is, hoe je omgaat met je kinderen en hoe je eigen opvoeding je heeft gevormd in hoe je dingen doet en waarom. Eigenlijk zou iedereen een STAP-cursus moeten volgen!

Wat gebeurde er na de STAP-cursus?
We waren in februari klaar met de cursus en twee maanden later werden we gebeld over een jongetje dat crisisopvang nodig had. Hij is eind april bij ons gekomen. Het was wel leuk dat dit redelijk snel gebeurde. Uiteindelijk is hij tot december gebleven. Dat was wat lang voor crisisopvang, maar achteraf zien we wel hoe mooi het is gegaan en dat het nodig was zodat er een goede plek voor hem kon worden gevonden.

Hebben jullie bewust gekozen voor crisispleegzorg?
Ja, daar hebben we vooraf heel bewust voor gekozen. Mijn man heeft een beroep waardoor we wel eens moeten verhuizen en dat kan lastig zijn voor langdurige pleegzorg. Daarnaast past dit goed bij ons. Crisispleegzorg brengt een stukje gezonde spanning mee. Het is onverwacht, je kunt zomaar gebeld worden dat er vandaag of morgen een plekje gezocht wordt. Je moet improviseren en flexibel zijn, want je kunt er zomaar een kind bij hebben. Dat vinden wij leuk, je gaat ergens voor, je rond het af en daarna is er weer wat anders. Sommige mensen zeggen: “Joh, maar dan moet je weer afscheid nemen, is dat niet moeilijk?” Maar ik vind het juist erg knap als mensen een kind in huis willen nemen tot z’n achttiende.

Is dat afscheid nemen dan niet moeilijk?
Je stelt je erop in, je weet het immers van te voren. In de praktijk stel je een grens, maar als het nodig is verleg je die. In ons geval dachten we eerst dat het tot de zomervakantie zou zijn, toen tot de herfstvakantie en uiteindelijk werd het december. En dan ben je weer alleen met je eigen gezin en dat is dan ook wel weer lekker.

Hoe gaan jullie om met het onverwachte van crisispleegzorg?
Wij houden daar geen rekening mee. Je hebt de spulletjes natuurlijk wel, bedjes en zo. We hebben een logeerkamer, maar je weet toch niet wat voor kind er komt. We hebben wel gezegd dat een kind moet passen in ons gezin qua leeftijd en liever niet met eenzelfde leeftijd als onze eigen kinderen. Je moet geen concurrentie krijgen onderling. Het jongetje dat hier tot december was, was negen maanden jonger dan onze dochter van vier. Dat was eigenlijk nog te dicht bij elkaar. Achteraf bleek dat zij zich sluipenderwijs wat had teruggetrokken om ons pleegkind de ruimte te geven. De volgende keer moet ik daar nog alerter op zijn. Apart dat het toch zo onder je ogen kan gebeuren. De pleegzorgbegeleider zei later dat onze dochter zich gewoon heel loyaal had opgesteld. Gelukkig is dat na het vertrek van ons pleegkind gelijk weer bijgetrokken. Ze had zoiets van: “Zo, nu ben ik er weer.”

Wat gebeurt er met een pleegkind na de crisisopvang?
In ons geval zocht SGJ een passend gezin en dan ga je een kennismakingstraject in. De nieuwe pleegmoeder komt eens koffiedrinken en het pleegkind gaat een keer daar naar toe. Vervolgens prik je een datum en dan gaat hij naar het nieuwe gezin. Je bereidt het pleegkind natuurlijk zo goed mogelijk voor. Wij praatten veel over het nieuwe gezin en lieten foto’s zien. Het contact daarna hangt erg af van de nieuwe pleegouders.

Wat wil je zeggen tegen mensen die pleegouder willen worden?
Dat het heel mooi is om te doen, maar dat je jezelf wel tegen komt. Het is niet alleen rozengeur en maneschijn. Wat mij ook wel heeft geschokt, was dat een pleegkind toch een kind van een ander blijft. Ik had me dat vooraf niet zo gerealiseerd, maar je eigen kinderen heb je onvoorwaardelijk lief en bij je pleegkind moet je daar weleens bewust voor kiezen. Misschien is dat anders als je voor langdurige pleegzorg kiest. Het is wel prachtig om te zien hoe zo’n kind binnenkomt en hoe het weggaat. Eigenlijk alleen door in jouw gezin te zijn, door het te geven wat het nodig heeft, door in basisbehoeften te voorzien zoals eten, drinken, geborgenheid, spelletjes spelen en boekjes lezen. Dat wat voor onze kinderen normaal is. Als je ziet hoe een pleegkind daarvan opbloeit, dan is dat gewoon heel bijzonder.


Terug naar de interviews