Terug naar de interviews

Dankzij neef Winfred zitten wij hier nu als pleeggezin

Toegevoegd op : 24 oktober 2007

Op een zonnige vrijdagmiddag, vlak voor hun vakantie, praat ik met Joseph (43) en Jacqueline (43) over pleegzorg. Ze werken beiden parttime, Joseph in een sociaal cultureel centrum en Jacqueline in een administratieve functie. In hun woning in Nijmegen vertellen ze hoe zij twee jaar geleden met pleegzorg begonnen zijn en hoe hun pleegzorgplannen voor de toekomst eruit zien. Een dag eerder is hen gevraagd of ze pleeggezin willen worden voor Richard van 13 jaar.

In de vakantie zullen de mogelijke komst van Richard en alle veranderingen dus nog wel eens onderwerp van gesprek zijn tijdens de wandelingen.

Winfred
In 1997 zijn Joseph en Jacqueline samen gaan wonen. In het gezin van een zus van Jacqueline zijn er op dat moment flink wat problemen rondom Winfred en er is intensieve hulp in het gezin. Zo af en toe komt Winfred bij Joseph en Jacqueline langs om de spanningen voor iedereen wat te laten zakken. En dan hebben ze het gezellig met elkaar. Als Winfred uiteindelijk op een crisisgroep terecht komt, wordt duidelijk dat hij niet snel naar zijn eigen ouders terug zal kunnen gaan. Een plaats in de leefgroep ter voorbereiding op zelfstandigheid is niet zomaar gevonden. Jacqueline: “En toen kwam de vraag of hij bij ons kon komen wonen. Daar hoefden we niet lang over na te denken.” Het is dan zomer 2005 en Winfred, intussen 16 jaar oud, komt hij bij hen wonen.

Pleeggezin
Jacqueline: “En dan ben je dus ineens pleeggezin. We waren daar niet op voorbereid en hadden slechts een enkel gesprek gehad met een hulpverlener. Winfred was ontzettend blij dat hij bij ons kon zijn en niet naar een leefgroep hoefde. We probeerden zo goed mogelijk afspraken te maken met Winfred en zijn ouders. En we gingen voor het eerst met een puber op vakantie wat anders was, maar heel leuk.”
Joseph en Jacqueline waren positief en hoopvol over de mogelijkheden voor Winfred. Joseph: “We zouden het wel rooien met elkaar.” Ze hadden het idee dat ze de problemen met school en met hasjgebruik wel in onderling overleg af konden handelen en vonden dat de ouders van Winfred er toch wel wat zwaar tegenaan keken.
Jacqueline: “We hadden er af en toe last van dat zij aan ons probeerden voor te schrijven welke regels we moesten stellen aan hun zoon.”

Teleurstelling
Na enkele maanden liepen ze er steeds meer tegenaan dat Winfred zijn afspraken nauwelijks nakwam. Vanuit school kwamen nog steeds signalen dat hij te weinig deed en te weinig aanwezig was. Hij maakte met allerlei smoezen maar geen aanstalten om een baantje te zoeken, en ook in zijn vrije tijd ondernam hij weinig.
Joseph: “Gelukkig hadden we inmiddels een begeleider vanuit de afdeling pleegzorg met wie we konden praten over de ontwikkelingen.” Ook Winfred was regelmatig bij de gesprekken aanwezig.
Joseph voelde zich teleurgesteld. Jacqueline kon de situatie met wat meer nuchterheid bekijken. “In de eerste maanden van 2006 werd steeds duidelijker dat het Winfred niet lukte om goed met zijn school door te gaan. Het gebruik van softdrugs werd een groter probleem. En hij vond het steeds lastiger dat wij toch eisen aan hem bleven stellen. Dat liep bij Winfred uit op heftige uitbarstingen van boosheid. We konden niet anders dan constateren dat wij hem in ons gezin niet verder konden helpen.”

Positieve draai
Eind april 2006 werd Winfred opnieuw in de crisisgroep opgenomen. Jacqueline: “We vragen ons tot op de dag van vandaag af of we destijds nog door hadden moeten gaan. Ook al is duidelijk dat Winfred pas na het deelnemen aan een project in Frankrijk een positieve draai heeft kunnen maken.”
Het gaat nu veel beter met Winfred. Hij kan de verantwoordelijkheid voor zijn eigen leven beter aan. Joseph: “Hij komt weer op een heel gezellige manier bij ons op bezoek, terwijl we vreesden dat het contact met hem echt kapot zou blijven.”

Kriebel
Ondanks de teleurstelling dat Winfred niet vanuit het gezin van Joseph en Jacqueline zelfstandig kon worden, was dit voor hen niet het einde van pleegzorg. Joseph: “We bleven de kriebel voelen om pleeggezin te blijven.” Jacqueline: “Door een operatie van Joseph konden we voldoende tijd nemen om daarover na te denken.
Eind 2006 hebben we ons toen opnieuw als pleeggezin aangemeld. We hebben meegedaan aan een voorbereidingsprogramma voor nieuwe pleegouders. Ook al waren we dankzij Winfred in zekere zin al “ervaren” pleegouders, toch was het fijn om hieraan mee te doen.” Jacqueline vond het fijn om juist in een groep met andere mensen nog eens naar hun eigen keus te kijken. Joseph: “Ik denk dat ik dankzij Winfred een aantal onderwerpen uit de voorbereiding nu beter kan invoelen.”

Oordelen
Ze weten nog steeds niet of het makkelijker is om een kind vanuit de familie in huis op te nemen dan een kind dat je nog helemaal niet kent.
Jacqueline: “We zijn wel wat voorzichtiger geworden in het oordelen over de ouders van een kind. De ouders van Winfred hebben het veel moeilijker gehad dan wij voorheen ooit hebben beseft.”

Pubers
Pubers vinden ze heel leuk. Joseph: “En dat heeft onze keus bepaald om voor een ouder kind beschikbaar te zijn.” Als Richard na de vakantie bij hen komt wonen, zal Jacqueline daarvoor waarschijnlijk wat verandering in haar werk aanbrengen, omdat je met een 13 jarige die naar de middelbare school gaat wat minder voorspelbare schooltijden hebt. Jacqueline: “De roze wolk is bij ons al voorbij getrokken. Of we het zullen redden met Richard blijft een vraag. Maar we weten wel dat we in de zorg voor hem niet alleen staan.”


Terug naar de interviews