Terug naar de interviews

Christa, moeder op afstand

Toegevoegd op : 30 juni 2015

Christa is moeder van Quinten, Damian, Joerie en Sylvana. Twee van haar kinderen wonen in een pleeggezin, de twee anderen wonen op een zorgboerderij. De kinderen zijn ongeveer drie jaar geleden uit huis geplaatst. Haar kinderen groeien dus op, op de plek waar ze wonen. Ze gaan niet meer terug naar huis. Hoe Christa dit heeft ervaren, komt naar voren in onderstaand interview.

Hoe kijk je terug op de periode dat jouw kinderen uit huis werden geplaatst?
“In eerste instantie viel ik in een groot gat. Ik voelde me leeg, down en vooral doelloos. Ik stortte me helemaal op de slaapkamers van de kinderen. Deed er alles aan om deze zo mooi mogelijk te maken voor hun terugkomst. Ook schaamde ik me in het begin heel erg. Er was destijds geen plek om hierover te praten. Ik heb alles geprobeerd om ze terug te krijgen, maar als ik dit nu weer ga proberen, trek ik ze dus weg uit hun vertrouwde omgeving. Dat is niet goed voor ze.”

Hoe kijk je terug op de beslissing van de rechter?
“Soms is het niet anders en kunnen kinderen niet opgroeien bij hun eigen ouders. Van andere ouders hoor ik vaak: ‘Ze pakken je kind af’. Ik heb dit zelf niet zo ervaren. Als ik andere stappen had genomen, was het anders verlopen. Ik heb lange tijd geen hulp durven vragen, omdat ik niet wilde falen als moeder. Hierdoor heb ik niet voor voldoende veiligheid voor mijn kinderen kunnen zorgen. Ik heb er voor gekozen om de beslissing in het belang van de kinderen te accepteren. Natuurlijk was ik er kapot van. Maar ik had me erop voorbereid, leefde al langere tijd toe naar deze uitspraak. Het is voor de kinderen ontzettend belangrijk om hun moeder gelukkig te zien. Natuurlijk was het erg moeilijk in het begin. Maar ik heb een keuze gemaakt. Ik ‘deal’ met hoe het is. Ik ben moeder op afstand geworden.”

Wat betekent het voor jou om moeder op afstand te zijn?
“Ik neem alle verantwoordelijkheid ten aanzien van mijn kinderen. Dit betekent dat ik erg betrokken ben bij hun opvoeding. Ik ben er altijd voor mijn kinderen. Bij alle belangrijke beslissingen in hun leven ben ik aanwezig. Ik ben wel eens voor een gesprekje van 10 minuten naar Assen gereden. Gewoon, omdat het belangrijk is. Soms maak ik daardoor ook hele verdrietige dingen mee. Zo was ik erbij toen er aan Quinten werd verteld dat hij bij zijn pleeggezin weg moest. Dit was voor Quinten heel erg verdrietig, dus als moeder hoor ik hem dan op te vangen.”

Hoe is de samenwerking met de pleeggezinnen?
“Ik voel me heel erg bevoorrecht met de gezinnen waar mijn kinderen wonen. Ik blijf via hen op de hoogte van hoe het met mijn kinderen gaat. Soms krijg ik een WhatsApp berichtje toegestuurd of ontvang ik mooie foto’s. Ik stel veel vragen aan de pleegouders. Ik wil zoveel mogelijk weten van mijn kinderen en van de pleegouders, zodat ik het goed begrijpen kan. Soms ben ik ook kritisch en wil ik graag om de tafel. Ik wil bijvoorbeeld erg graag voorkomen dat een van mijn kinderen opnieuw moet verhuizen. Een verhuizing is heel erg moeilijk voor kinderen. Een van de pleegouders noemt mij wel eens een ‘topper’. Dat doet me hartstikke goed.”

Wat zou jij andere ouders willen adviseren?
“Ga niet bij de pakken neerzitten. Praat over je verdriet, dat helpt altijd. Maar ook, ga om de tafel met de mensen die medeverantwoordelijk zijn voor je kinderen. Ik heb goed contact met de gezinsvoogden en de pleegzorgwerker (van Yorneo). Als er wat is, dan moet je meteen met elkaar om de tafel. Doordat ik erover praat, kan ik het verwerken en kan ik een goede moeder voor mijn kinderen blijven. De namen van mijn kinderen zijn getatoeëerd op mijn arm, zo heb ik ze altijd bij me.”


Terug naar de interviews