Terug naar de dagboeken

Verslaving en geweld (2)

Toegevoegd op : 13 januari 2012 in het dagboek van Pleegvader Maarten

Locatie: pleeggezin
Maand: december
Pleegzoon Jeremy (13) was weken bezig zijn voorraad munitie samen te stellen. Avond aan avond nestelde hij zich in pyjama, laptopje op schoot, onder de kerstboom. Hij bekeek kritisch alle vuurwerkfilmpjes op internet, en kruiste zorgvuldig in zijn kriebelige handschrift zijn bestelling aan. Hij telde alles op, en bestelde de ‘straatbaas’ samen met vriend Mick, “want die kost dus wel twintig euro!” Vrijwel dagelijks moest ik raden hoeveel rotjes hij wel niet had.” Ik raadde steeds te laag. “Haha. Nee hoor. 553!” Op 30 december werd de bestelling, twee tassen vol, opgehaald. Jeremy genoot toen hij mij zag sjouwen. Want jongens van 13 mogen niet met vuurwerk de winkel uit lopen. “Gaat het Maarten? Zwaar hè?”
Thuis werd alles met grote zorg uitgestald in de logeerkamer waar vuur en roken verboden was. Een tafel vol rotjes, romeinse kaarsen, pijlen in alle soorten en maten, en pakjes met exotische namen als ‘Woodpecker Cracker’, Mai Tai’ en ‘Freaky Flyers’. Er zat trouwens ook nog een doosje bij waar in prachtige sierletters op stond: ‘Haplpiness’. Ja ja, daar was hij weer: de Zwaar Dislectische Chinees. De goede man werkt na een bloeiende carrière in de wereld van gebruiksaanwijzingen nu blijkbaar voor de vuurwerkindustrie. Heerlijk.
Jeremy en zijn vrienden gingen op 30 december met grote regelmaat naar de vuurwerkkamer, onderwijl vaktaal bezigend. “Grondbloemen… ik wéét het niet hoor. Mosquitos zijn tóch vetter. Beetje afwisselen met een fontein…En dan de Metermix. Hoeveel ballenschieters heb jij?”

Op 30 december ging Jeremy zomaar, uit eigen beweging, vroeg naar bed. “Des te eerder is het morgen.” Op 31 december zwierven de jongens de hele dag over de modderpaden door de regen. Vuurwerktassen aan de schouder, brillen op, sigaren en aansteeklonten in de hand. Rond etenstijd kwamen ze terug. Even snacken. Om middernacht kwam deel twee van de show: het siervuurwerk. Het was een prachtige show. De Straatbaas overtrof de verwachtingen. Er waren wat ‘weigeraars’, maar gelukkig niet onder de grotere, duurdere potten en pijlen. Om twee uur ’s nachts was alles op. Ook de jongens. Met zwarte vingers en kruitdampen in het haar verdwenen de krijgers geruisloos naar bed. Een gelukzalige glimlach om de (vieze) mond.

Maar aan dit alles zal een eind komen, zo lijkt het. Want ‘men’ wil het vuurwerk voor particulieren verbieden. Daar zit natuurlijk weer een vrouw achter, dat kan niet anders. Vrouwen houden niet van vuurwerk. Ze zijn er bang van. Met een vuurwerkverbod zal het afsteken echter niet ophouden. Want mannen blijven jongens, en jongens zijn krijgers. Maar alle vuurwerk zal nu illegaal worden. En het is juist illegaal vuurwerk waarmee de grootste ongelukken gebeuren. Is dát nu wat u wilt, dames? Dat uw echtgenoot zijn spul voortaan rechtstreeks koopt van een loensende vettige kerel met een enkelbandje, direct uit de kofferbak van zijn niet-apk-gekeurde roestige BMW op het parkeerterrein van de McDonalds? Dat uw zoontjes zo tegen eind december opeens bevriend raken met die zweterige moddervette oudere buurjongen met de rotte tanden, uit dat gezin met een voortuintje vol vuilnis waar de gordijnen altijd dicht zijn? En hun mooie jongenshandjes eraf knallen met van hem gekochte pakketjes?

Gun alle grote en kleine mannen alsjeblieft hun verslaving, voor één dag per jaar. Oerdriften moet je niet onderdrukken maar kanaliseren. Want mannen blijven jongens, en jongens zijn krijgers. Vecht niet tegen natuurkrachten, dames. Dat leggen jullie af, want jullie zijn géén krijgers.

Gelukkig nieuwjaar.

Maarten


Terug naar de dagboeken