Terug naar de dagboeken

Verrader

Toegevoegd op : 4 oktober 2010 in het dagboek van Pleegvader Maarten

Jeremy voelt zich verraden. Door mij. Drie jaar geleden kwam hij kennismaken. Een beige prinsje met een apart, nasaal kikkerstemmetje. De aanwezige pedagogen vielen van verbazing zowat met koffie en al van hun stoelen toen hij na een kwartiertje mededeelde "even buiten te gaan spelen."

Zij kenden Jeremy als een bang stil vogeltje. In desperate toestand was hij indertijd onder de trap gevonden en uit huis geplaatst, en spraakzaam was hij nog steeds niet. Diezelfde avond, nadat hij hier geweest was, vertelde hij de groepsleidster dat hij “wel bij Maarten wilde wonen.” Deze Maarten had de weken erna regelmatig nachtmerries. Nachtmerries waarin de telefoon ging en een vriendelijke doch besliste jeugdzorgstem aangaf dat er toch een ander pleeggezin voor Jeremy gevonden was, onder dankzegging voor de moeite. Inmiddels weten we dat Jeremy en Maarten al drie jaar een gouden match zijn.

Vrij snel daarna kwam het verzoek om op termijn de bijplaatsing van een tweede pleegkind te overwegen. Sinds een paar maanden is het zo ver: Amchid (7) komt vooralsnog om het weekend logeren. Tijdens de eerdere logeerpartijtjes was er sprake geweest van vreedzame coëxistentie tussen de jongens. Het leeftijdsverschil van bijna 5 jaar is niet gering, 'belevingswereldtechnisch’ gesproken. Maar dit gaf tot nu toe wél de hoop dat Jeremy, met laaggemiddeld IQ en grote taalachterstand, niet snel rechts ingehaald zou worden.

Dit weekend echter blijft Amchid voor het eerst twee nachten. En dat is blijkbaar andere koek. Hij kan niets goed doen bij Jeremy. Hij krijgt een vermoeid zuchtend antwoord als hij iets vraagt. Of géén antwoord. Amchid is echter van het vasthoudende soort. Het soort dat zijn vraag gewoon nóg een keer stelt. Of zestien keer. Er ligt ongetwijfeld een mooie toekomst als voorzitter van een parlementaire enquêtecommissie voor hem in het verschiet.

Als Amchid graag met Lego wil spelen ontstaat er meer wrijving. Per direct wil Jeremy ook met Lego spelen, voor het eerst in minstens een jaar. Alléén, “want het is toch mijn Lego.” Om vervolgens vijf minuten later iets anders te willen doen, waarvoor hij toevallig precies die spullen nodig heeft die Amchid in zijn handen heeft. Als Jeremy in de schuur chagrijnig naar zijn net geslepen zakmes staat te staren vraag ik belangstellend of het gelukt is. “Nou ik ben maar gestopt omdat HIJ er steeds bijstaat” moppert Jeremy. Ik voel irritatie opkomen. Jeremy had Amchid gerust weg mogen sturen als hij voor zijn voeten liep, en bovendien mij kunnen roepen als de situatie voor hem niet oké was. Het mes ziet er daarnaast prachtig geslepen uit, dus dit alles klinkt wel heel erg als het even bekende als idiote 'spijkers op laag water zoeken’. (De uitdrukking zelf is eigenlijk trouwens al net zo idioot. Alsof het bij hoog water gemakkelijker zoekt. Weet u iets beters? Mail dan alstublieft).

Vandaag is de Provinciale Pleegzorgdag. Hiervoor zijn we afgereisd naar safaripark Beekse Bergen. In de safaribus gaat Jeremy zes stoelen verder zitten. En op de safariboot moppert hij dat alle stoelen op het bovendek bezet zijn door volwassenen. Voor een deel kan ik nog wel meegaan in zijn ergernis: ik snap ook niet waarom al die (pleeg-)ouders de plaatsen met het beste zicht niet gunnen aan de kinderen. Maar als Jeremy bij het eten van een saucijzenbroodje botweg met zijn rug naar ons toe gaat zitten, schiet ik toch uit mijn slof. Ik gooi een preek over hem heen vol termen als 'er helemaal klaar mee zijn’ ,'normaal fatsoenlijk gedrag’ en 'jezelf en hem een kans geven’. En… als bij toverslag slaat Jeremy om als een blad aan een boom. Al een paar tellen later rennen de pleegzonen als ware BlueBandkinderen achter elkaar aan door de speeltuin, en hebben ogenschijnlijk het grootste plezier. Hûh?

Onder vier ogen komt Jeremy 's avonds op zijn humeur terug. “Het kwam doordat HIJ voor het eerst twee nachten bleef.” Het is zijn wat onbeholpen manier om te zeggen wat hij vandaag opeens besefte: dat Amchid’s logeerpartijen tot iets definitiefs zouden kunnen leiden. En ik begrijp zijn verwarring en verdriet zo goed. Ook ikzelf heb gemengde gevoelens. Omdat het voelt als een soort verraad aan deze jongen die zijn hart verpande aan mij, hond Wolf en ons huisje in het groen. Aan Amchid ligt het niet, die doet ontroerend zijn best. Jeremy zou ik zo graag willen troosten en geruststellen. Maar ík ben de verrader.

Maarten


Terug naar de dagboeken