Terug naar de dagboeken

Aandoenlijk

Toegevoegd op : 18 oktober 2010 in het dagboek van Pleegvader Maarten

'Aandoenlijk'. Dat woord schoot me ineens te binnen afgelopen weekend. Een raar woord. Een woord dat niet helemaal zuiver op de graat is, wat neerbuigend. 'Een aandoenlijke tekening' betekent meestal dat een kind aan is komen zetten met een smoezelig papier vol bruine vegen die sterk de indruk wekken dat de maker er zijn kleuterkont mee heeft afgeveegd. 'Boom in de herfst' staat er dan ook nog in juffenhandschrift boven.

En de voice-over van een Tv-programma repte onlangs over 'een aandoenlijk tafereeltje’. We zagen een groepje piepjonge violistjes dat afschuwelijk vals krassend en krijsend 'Altijd is Kortjakje ziek’ ten gehore bracht voor een zaal vol glimmende ouders. Die na afloop staand applaudisseerden. 'Uiteraard’ zou ik haast zeggen, want het lijkt wel alsof in de hedendaagse opvoedcultuur de opvatting heerst dat werkelijk álles wat een kind doet geweldig gevonden moet worden. Maar voordat ik u en mezelf meesleur in een betoog over hoe onverstandig dat is tegenover kinderen, ja zelfs oneerlijk, en hoe het leidt tot jongvolwassenen die een totaal verwrongen zelfbeeld hebben, en denken dat de hele wereld op hen zit te wachten: nog even over dat rare woord. “Oh, wat aandoenlijk” is letterlijk wat ik dacht, en ik betrapte mezelf aldus op het gebruik van een woord waar ik eigenlijk iets op tegen heb.

De situatie was als volgt. Jeremy heeft een quad, zo’n vierwielig brommertje. Daarmee crosst hij over de zandpaadjes, door het kleine bos en over het drassige veld want de boer vindt het goed. De quad is maandenlang stuk geweest, maar nu rijdt hij weer en Jeremy geniet met volle teugen. Om het weekend komt aspirant-pleegbroertje Amchid logeren. Vorige keer nog zorgde dat voor veel stress en boosheid bij Jeremy. Hij realiseerde zich opeens dat de logeerpartijen niet vrijblijvend bedoeld zijn, en dat zijn veilige wereld bedreigd wordt door deze kleine kletskous. Maar dit weekend zei hij opeens: “Amchid mag wel achterop.” Amchid vindt bijna alles leuk en opwindend, dus dit zeer zeker ook. Met zijn armpjes om het middel van Jeremy en een grote zwarte valhelm op zat hij te genieten. Jeremy bestuurde de quad in een grijze raceoveral, leren laarzen en met een eh… aandoenlijke blik, zijnde een mix van coole coureur, grote broer en goedheiligman. Hij deed echt zijn best voor Amchid.

Weer even terug naar het complimenteren van kinderen. Ik begrijp wel dat men meestal niet zozeer slechts het resultaat, maar vooral de goede bedoelingen beoogt. Maar volgens mij is het belangrijk om dát dan ook te benoemen. “Ik zie dat je echt je best hebt gedaan op deze tekening” in plaats van “och kind toch, wat een prachtige poepstrepen!”, bijvoorbeeld.

Jeremy tekent geen poepstrepen maar auto’s. Niet geweldig, maar ze worden wel beter, omdat hij veel oefent. Dus dat laatste vertel ik hem. En dit weekend: dat hij nu echt zijn best doet voor Amchid. En dat ik dat supergoed van hem vind. Als je als opvoeder in eerlijkheid reageert op gedrag en prestaties, dan draagt dat veel meer bij dan wanneer je altijd met aandoenlijke blik “Ge-wél-dig!” gaat zitten blaten. Want dat is niet goed voor een kind. Trouwens, met eerlijkheid worden de momenten waarop een kind boven zichzelf uitstijgt ook échte hoogtepunten. Stel, je hebt een pleegzoon van elf die op licht verstandelijk gehandicapt niveau functioneert, en taal verschrikkelijk moeilijk vindt. En je leest het volgende gedicht.

Riem.
De kop.
De gekleurde borstel.
Mijn hond is lief.
Wolf.

Dán kun je oprecht zeggen dat hij iets prachtigs gemaakt heeft.

Maarten


Terug naar de dagboeken