Terug naar de dagboeken

Klaar. Over. Duidelijk.

Toegevoegd op : 21 maart 2011 in het dagboek van Pleegmoeder Lotte

Oh, wat is dit een intens zware tijd. Agam voelt onraad, zoals hij altijd alles aanvoelt. Hij voelt gevaar.
“Mam, ik zeg je eigenlijk niet vaak genoeg hoe verschrikkelijk veel ik van je hou. Ik ben vaak boos, maar ik weet dat jij me begrijpt. Jij bent de énige die me begrijpt en ik zal vanaf nu niet meer boos worden. 3, 2, 1… vanaf nú!”
Ik raak verscheurd door de worsteling in Agam. Hij doet zó zijn best. Hij slikt met de meest mogelijke moeite zijn woede in en is zelfs vriendelijk naar Sophie.
Ik maak me geen illusies; hij gaat het niet volhouden…, maar zijn angst en pogingen breken mijn hart.

Door de intensiteit van zijn opvoeding ben ik zó dichtbij hem, dat het zelfs fysiek pijn doet om me voor te stellen dat hij straks niet meer bij me is. Troosten ze hem wel goed als hij bang is? Ik wil ze vertellen dat ze goed naar zijn ogen moeten kijken…, want dan kun je zien of je hem juist vast moet houden of loslaten tijdens een driftbui.
De paniek waardoor ik soms overvallen word, is paniek die ook Agam straks gaat voelen. Dat weet ik zeker. Alleen ben ik straks niet alleen en ben ík nog thuis. Agam zal zich heel alleen en verstoten voelen. Wat doen we hem aan…?

Agam is exact acht jaar bij ons nu. Hij kwam zeven maart 2003 en hij was dik zestien maanden toen hij hier de eerste keer over de drempel stapte. Waar hij op die leeftijd al hoofdbonkte tot bloedens toe tijdens drift/angst, is er in feite niet heel veel veranderd…, behalve dat hij nu ouder is en zijn methodes met hem zijn meegegroeid.
Toch zit er onder die beschadigde laag het mooiste, kwetsbaarste kind van de wereld.
En het zóu wel eens kunnen, dat dat mooie, kwetsbare kind onzichtbaar blijft als er nóg een laag beschadiging overheen komt.

Ik kreeg de argumentatie in mijn hoofd niet op orde de afgelopen weken. Niet met mijn gevoel, maar óók niet met mijn verstand.
Doorgaan gaat al jaren zo zwaar, dús…
De hulpverlening zegt 'uitbehandeld’, dús…
Er is een mooie plek voor hem gevonden, en al op korte termijn, dús…
Alle 'dússen’ leken een logische som te vormen, maar de uitkomst klopte niet.
In feite is er namelijk niet veel veranderd; in Agam’s eerste zeven jaar zochten we wanhopig naar hulp, maar die bleef uit. De grote, befaamde instelling, die Agam én Sophie bij ons plaatste, liet het afweten in de jaren dat ze er hadden moeten zijn. Uiteindelijk vonden we anderhalf jaar geleden in Hoofddorp pas de hulpverleningsinstantie die wérkelijk hiélp! Sophie knapt op en bloeit, mede dankzij die écht betrokken mensen in Hoofddorp. Agams mogelijkheden zijn gewoon minimaal, maar de juiste diagnoses zijn gesteld en hij heeft er geleerd én rust gevonden. En daardoor hebben wij ook rust gekregen.

En nu zijn wij weer aan de beurt.
En dat gaan we ook doen.
Ooit las ik, dat het gevaar bij 'Bodemloosheid’ is, dat je te lang dóórgaat, tot je -zacht gezegd-elkaar helemaal niet meer zo aardig vindt.
Nu heb ik gevoeld dat dat ook moet gebeuren vóór je deze stap kunt nemen. Niet alleen voor ons, ook voor Agam.

Ooit schreef ik dat liefde niet altijd genoeg is om alles te helen.
Dat is het ook niet…, maar het brengt een mens wél het verst.
Wij gaan met z’n allen door.
Jij blijft bij ons, Agam.

Groet,
Lotte


Terug naar de dagboeken