Terug naar de dagboeken

Het leven ligt niet vast: alles kan gebeuren

Toegevoegd op : 9 september 2011 in het dagboek van Pleegmoeder Lotte

De scholen zijn weer begonnen en alles begint zijn normale ritme terug te krijgen.
De vakantie was niet zo geslaagd als anders: we zijn in z’n totaliteit, volledig en geheel weggeregend. Na anderhalve week caravan en precies zeventien minuten zon was ik er klaar mee. Niemand had nog een droge draad aan zijn kont en iedereen was uitgescrabbeld en ge-wie-is-het?. Wij gingen vanuit het oosten des lands weer terug naar ons droge huis aan de kust.

Toch waren we in het geheel niet uit het lood geslagen: het leven is namelijk nog steeds een soort kadootje, omdat Agam gestabiliseerd is. Ik noem het maar 'gestabiliseerd’, omdat het zo voelt. Hij reageert veel normaler, ervaart de wereld veel normaler, is normaler boos en verdrietig, denkt normaler en praat minder extreem veel.
Voor mijn gevoel geven deze medicijnen iets wat bij hem altijd ontbrak: een portie “laat maar…”.
Als iets niet mag, zie je hem nu soms denken: Ok…, láát maar…, en dan zet hij het uit zijn hoofd en gaat verder. Hetzelfde gebeurt nu als iemand hem per ongeluk aanraakt of óók iets wil zeggen of als hij iets moet (zich aankleden of naar bed bv).
Het maakt het leven zóveel minder zwaar voor ons allemaal, maar het bijzondere is dat het zoveel positieve neven-effecten heeft. Agam krijgt namelijk tijd om over wérkelijke dingen na te denken. Hij heeft daar ineens ruimte voor. Hij observeert zijn vriendjes 'normaler’ en accepteert hun mankementjes begripvoller. Daardoor verlopen de sociale contacten gemoedelijker en heeft hij minder ruzie en méér 'vriendjes’.
Bovenstaande maakt dat hij de afgelopen weken méér succes-ervaringen heeft gehad dan zo’n beetje in zijn hele leven!

Maar afgelopen week heb ik écht met open mond naar hem staan kijken…
Het was mooi weer. Warm. Buiten waren de kinderen met waterbalonnen in de weer. Het was zo’n gegil van plezier waar mensen vrolijk van worden.
“Mam?” kwam Agam verhit en hijgend binnen, “Mag ik nóg meer waterballonen kopen? Iedereen heeft nog!”
“Nee, Agam. Ik had net al gezegd dat dit de laatste waren, die we zouden kopen. Het is mooi geweest.”
Agam stampvoet een keer, gromt naar me en kijkt kwaad. Dan komt zijn portie “Laat maar” omhoog en zegt hij: “Mag ik dan alvast mijn zakgeld?”
Ik vind het een aardige oplossing eigenlijk en geef hem zijn twee euro.
“Mam?!” begint hij smekend, “Een zakje ballonnen kost 52 cent. Ik wil ZOOOO graag vier zakjes. Mag ik alsje-alsje-alsjebliéft nog tien cent erbij??”
Het is leuk geprobeerd, maar nu hou ik voet bij stuk:“Nee, Agam. Dít is je zakgeld. En drie zakjes is ook leuk, toch?”
Hij loopt mopperend weg met zijn twee euro.
Als ik uit het raam kijk, zie ik hem pijnzend zitten op het muurtje van onze voortuin. Hij staart in zijn eentje naar de twee euro in zijn hand, terwijl de waterbalonnen hem om de oren vliegen. Hij merkt het nauwelijks.
Het duurt lang voor hij terug is, maar ineens staat hij weer voor mijn neus. Triomfantelijk zwaait hij met vier zakjes waterbalonnen en kijkt me trots aan:“Tadaaaaa!”
“Huh?” zeg ik, “Hoe heb je dat nou gedaan?”
“Nou kijk…,” begint hij, “Ik ben vier keer geweest.”
Hij lacht breed.
Ik kijk hem niet-begrijpend aan.
“Als je steeds één zakje doet, doen ze het naar beneden,” legt hij geduldig en trots uit.
Ik begin keihard te lachen. Wat briljant!!
Agam wordt boos. Hij denkt dat ik hem uitlach.
“Nee! Nee!” zeg ik snel, “Ik vind het superslim!! Heb je dat zelf bedacht?!”
“Ja,” zegt hij verlegen.
“52 cent ronden ze naar beneden af en 2,08 euro naar boven. Agam…, ik vind je een groot zakenmannetje. Echt!”
Ik knuffel hem en voel echt iets héél trots’.
Mijn ingewikkelde, bijna opgegeven ventje met een performaal iq van 72 heeft dit effe bedacht!
Het leven ligt niet vast, ook al is het zo voorspeld. Alles kan gebeuren.

Soms…, als het leven jarenlang in feite ondraaglijk is, komt een zwáár leven als een kado. Iets waar je blóedgelukkig van wordt. Waar je zin in krijgt. Waar je hoopvol van wordt.
Hiér deden we het voor. Dit gunden we hém en ons: Agam lééft en is regelmatig best gelukkig….
Dat was jarenlang ondenkbaar.


Terug naar de dagboeken