Terug naar de dagboeken

Een ondergewaarde kunstenaar

Toegevoegd op : 31 mei 2011 in het dagboek van Pleegmoeder Lotte

Veel kunstenaars werden pas na hun dood gewaardeerd. Toen ze leefden vonden mensen hen maar prutsers of vielen ze helemaal niet op. Ook sommige schrijvers valt pas post mortem de eer te beurt bekend te worden.

Onze Sophie is ook een kunstenares/schrijfster, die – vindt ze zelf – ondergewaardeerd wordt op artistiek gebied. Hoewel we haar vaak genoeg prijzen om haar lieve briefjes en mooie tekeningen, keuren we haar creatieve uitingen ook regelmatig af. Beteuterd neemt ze de reprimandes in ontvangst als we zien dat ze haar nieuwe bed bekladderd heeft. ‘Bekladderd?!’ klinkt het geschokt uit haar mond. Ook de tekening op de muur in haar slaapkamer valt niet zo in de smaak als ze blijkbaar verwachtte.

Sophie’s schrijfstijl is apart, dus herkenbaar. Ze eindigt namelijk elke zin met 'zegt Sophie’.
‘Ik moet nar bet, zegt Sophie. Mama is lief, zegt Sophie. Agam is boos, zegt Sophie. Ik ben lief, zegt Sophie.’

De buurvrouw van een paar huizen verderop staat ineens voor de deur. Ze heeft vervelend nieuws, begint ze. Onze dochter heeft samen met Tim, haar vriendje, haar nieuwe auto met stoepkrijt beklad. Er blijven krassen zichtbaar als ze het eraf halen. Ik loop met haar mee naar haar auto om de schade te bekijken. Er zitten inderdaad zichtbare krassen op, maar iets anders is nog veel vervelender. De vier auto’s die we reeds gepasseerd zijn, zitten óók onder het stoepkrijt. Sip komt ze naast me staan als ik haar roep en op de auto wijs:’Wat heb je nou gedaan?’ ‘Tim heeft het ook gedaan!’, roept ze meteen, ‘Eigenlijk vooral! Vooral Tim heeft het gedaan! Het meeste!!’
Ik frons en kijk haar diep in haar – overigens rechte!! – ogen en zeg:’Laat ik niet merken dat je jokt, Sophie. Ben jij met stoepkrijt op die auto geweest?’
‘Tim deed het meeste! Ik niet.’ Tim van vijf jaar schudt geschrokken zijn hoofd:’Niet!’ ‘Ik denk ook dat Tim gelijk heeft, Sophie,’ zeg ik streng, ‘We gaan het er zo verder over hebben.’

‘Hoe weet jij nou altijd als ik jok?’ vraagt ze, als ze in bed ligt. ‘Omdat ik van je hou en je goed ken. Je hóeft dus ook helemaal niet te liegen.’ Ik geef haar een kus en zeg haar welterusten. Morgen mag ze, bij wijze van straf, een dag niet buitenspelen.

Beneden bekijk ik, toch glimlachend, nog een keer de foto’s die we genomen hebben voor de verzekering. In krassen staat op de auto geschreven: 'mama is lief, zegt Sophie’


Terug naar de dagboeken