| |||
![]() Introductie Vormen van pleegzorg Pleegzorg voor een bekend kind Om welke kinderen gaat het Hoe wordt u pleegouder Meest gestelde vragen Interviewserie Dagboeken van pleegouders Adressen instellingen voor pleegzorg Informatie aanvragen / aanmelden Literatuur Woordenboek Links |
Beginpagina Kinderen en jongeren Ouders Pers Pleegouders Pleegouder worden Professionals | ||
Interview van de maand augustus 2009
(illustratie: Wendy Dekker, Wuzzel Creatives) Pleegzorg past ook bij jonge gezinnenMieke (25 jaar) en Henk (32 jaar) vormen een jong gezin met drie kinderen: een zoon van 4 jaar, een pleegdochter van 2 jaar en een dochter van een jaar oud. De pleegdochter is als baby van twee weken in het pleeggezin komen wonen. Een groot gezinMieke en Henk willen graag een groot gezin, maar dat hoeft niet persé met alleen eigen kinderen. Voordat hun zoon geboren werd, hebben ze het al samen over pleegzorg gehad. Kennissen van de ouders van Mieke hadden pleegkinderen in huis: altijd een huis vol met kinderen, waar het gezellig was. Henk kent pleegzorg vanuit de verhalen van jongeren uit de psychiatrie, waar hij vroeger werkzaam was. Het merendeel van deze jongeren kwam uit de jeugdzorg of pleegzorg. PleegoudervoorbereidingToen hun zoon net één jaar oud was en de verbouwing van het huis was afgerond, zijn Mieke en Henk met de STAP cursus begonnen. De STAP-voorbereidingscursus heeft hen duidelijk gemaakt, dat zij echt pleegouders wilden worden. 'Je moet wel veel van jezelf bloot geven, dat is soms heel confronterend, maar ook wel heel goed,' vindt Mieke. Achteraf gezien zijn zeven avonden heel kort om erachter te komen waar je precies instapt. Het beeld dat zij van tevoren hadden, bleek toch weer anders na de komst van Lotte. Langdurige opvangNa de STAP-cursus hebben Henk en Mieke bewust hun voorkeur aangegeven voor langdurige opvang van een kind dat jonger was dan hun zoon van toen twee jaar. De plaatsing mocht wel als een crisisplaatsing beginnen om de continuïteit voor het pleegkind zoveel mogelijk te kunnen waarborgen. In december hadden ze het eindgesprek van de STAP-cursus. Gezien het aanbod hielden ze er rekening mee dat het wel een of twee jaar kon duren voordat er een plaatsing zou volgen. Zij werden echter al na een maand gebeld met de vraag of ze pleegouders wilden worden voor Lotte. Ze kwam al dezelfde avond direct uit het ziekenhuis bij hen wonen. Risicobaby'Toen Lotte de eerste maanden zoveel sliep, dachten we eerst, dat komt wel goed, zij moet eerst helemaal tot rust komen. Ze krabbelt vanzelf wel op. Dan loopt ze maar een paar maanden achter. Dat is niet erg, dat haalt ze op den duur wel in.' Henk en Mieke hebben er van tevoren wel rekening mee gehouden, dat Lotte een ontwikkelingsachterstand kon hebben en misschien later aangewezen zou zijn op speciaal onderwijs. Waar ze van tevoren geen rekening mee gehouden hebben, is dat Lotte zichzelf al na een jaar pijn deed en met haar hoofd tegen de muur sloeg en anderhalf uur kon liggen krijsen op de vloer. 'Daar kun je je ook moeilijk op voorbereiden,' vinden ze beiden. Contact met oudersDe ouders vinden het goed, dat Lotte in het pleeggezin woont. De pleegouders vinden het belangrijk, dat de ouders zich betrokken kunnen voelen bij hun dochter. Ze realiseren zich dat ouders veel van de ontwikkeling van hun kind missen, zoals de eerste stappen die hun kind zet. Het pleeggezin stuurt regelmatig foto's en informatie over hoe het met Lotte gaat. Lotte heeft vier keer per jaar contact met haar ouders. De ouders doen heel erg hun best om het tijdens het bezoek leuk te maken voor Lotte. De pleegouders zijn wel aanwezig bij de bezoeken, maar bemoeien zich er eigenlijk niet mee. Alleen als de ouders wat willen weten, dan legt Mieke dat aan hen uit. Zij geeft ook wel aan, wat Lotte leuk vindt. Tot nu toe laat Lotte de bezoeken over zich heen komen. Je kunt aan haar merken dat ze na een bezoek even van slag is en de volgende dag drukker is dan anders. Daarna is het ook weer over. CrisisplaatsingenHenk en Mieke realiseren zich, dat er ook kinderen zijn waar niet zo snel een plek voor gevonden wordt als voor Lotte. Ze hebben zelf aangegeven, dat ze open staan voor crisisopvang van pubers. Henk en Mieke vinden het belangrijk dat pubers zichzelf kunnen zijn: ze krijgen een eigen kamer, kunnen zich richten op school en worden opgevangen vanuit het idee, dat ze eerder bij een grote broer en zus in huis zijn dan bij een vader en moeder. |
|||