Klik om naar de homepage te gaan
Beginpagina Kinderen en jongeren Ouders Pers Pleegouders Pleegouder worden Professionals
Je bent nu hier: Beginpagina / Kinderen en jongeren / Ouder dan 12 jaar / Rechten van pleegkinderen /

Rechten van pleegkinderen

Of je nou bij je ouders woont of bij iemand anders, er zijn rechten die voor alle kinderen gelden. Denk maar aan het recht op zorg en liefde. Of aan het recht om naar school te gaan. Dat geldt voor iedereen. Ook mag er geen enkel kind mishandeld worden. Of het slachtoffer worden van seks. Een kind heeft het recht om zijn eigen mening te zeggen. Ieder kind heeft recht op vrije tijd om zich te ontspannen of te spelen. Om ervoor te zorgen dat het goed gaat met alle pleegkinderen in Nederland zijn er wetten gemaakt. Natuurlijk gelden alle algemene rechten voor kinderen in Nederland ook voor pleegkinderen. Maar pleegkinderen hebben een aantal bijzondere rechten. Die hebben vooral te maken met de hulp die een pleegkind krijgt.

De rechten van pleegkinderen zijn:

Recht op informatie
Recht op het lezen van je dossier
Recht op het zeggen van je eigen mening
Recht op privacy
Recht op contact met je famillie
Recht om te klagen

Recht op informatie

Pleegkinderen hebben te maken met hulpverleners. Als een kind in een pleeggezin gaat wonen, maken zij een plan van aanpak. Daarin staat welke hulp het kind krijgt en wat de plannen en doelen zijn. Er staat ook in of en hoe de familie van het kind hierbij betrokken wordt.
Een pleegkind heeft er recht op om te horen wat de hulpverleners besluiten en waarom. Hulpverleners zijn verplicht het plan te bespreken met pleegkinderen die 12 jaar of ouder zijn. Ook als er iets in het plan verandert, moet daarover gesproken worden. Als pleegkinderen al heel lang bij pleegouders wonen, komt het wel eens voor dat zij hun vader of moeder niet (meer) zien. Toch hebben ze altijd het recht op informatie over hun ouders en familie.

naar boven

Recht op het lezen van je dossier

Het plan van aanpak en andere rapporten worden bewaard in een dossier. Pleegkinderen van 12 jaar of ouder hebben het recht om die rapporten te lezen. Ze kunnen er ook een kopie van krijgen. Als een hulpverlener denkt dat een rapport te moeilijk is, kan het anders gaan. Dan bespreekt de hulpverlener met het pleegkind wat erin staat en geeft uitleg. Van pleegkinderen die jonger zijn dan 12 jaar hebben de ouders of de voogd het recht om de rapporten te lezen. Zij kunnen die met het kind bespreken, maar zijn dat niet verplicht.

naar boven

Recht op het zeggen van je eigen mening

Als het om meepraten gaat, is leeftijd niet belangrijk. Een pleegkind dat zijn mening kwijt wil, hoeft niet te wachten tot anderen wat vragen. Pleegkinderen mogen altijd tegen hun pleegouders en hulpverleners zeggen wat zij ergens van vinden en wat er volgens hen zou moeten gebeuren. Dat betekent niet dat er altijd gebeurt wat zij willen. Wel dat er naar hen geluisterd moet worden.
Pleegkinderen van 12 jaar of ouder hebben er recht op dat de hulpverlener in ieder geval één keer per jaar met hen praat over het plan van aanpak. De mening van het pleegkind komt ook in het plan te staan. Ook als het pleegkind een andere mening heeft dan de hulpverlener.
Als een pleegkind het niet eens is met de gezinsvoogd, voogd of diens ouders, kan een pleegkind om een 'bijzondere curator' vragen. Dat is een moeilijk woord voor iemand die voor de belangen van een (pleeg)kind opkomt. Deze persoon kan een advocaat zijn of iemand anders die een rapport schrijft over wat het pleegkind wil. Een pleegkind kan de rechter ook een briefje schrijven om te vragen of er een bijzondere curator komt. De pleegzorgbegeleider, de kinderrechtswinkel of de vertrouwenspersoon van jeugdzorg kan een pleegkind hierbij helpen.

naar boven

Recht op privacy

Zonder toestemming mag niemand andermans post of een dagboek lezen. Dat geldt ook voor pleegkinderen. Als een pleegkind jonger is dan 16 jaar, mogen de hulpverleners informatie over het kind aan de ouders geven. Als een pleegkind 16 jaar of ouder is, mag dat alleen met diens toestemming. Pleegouders en hulpverleners mogen niet zomaar van alles over een pleegkind aan iedereen vertellen. Zonder de toestemming van het kind mogen ze wel informatie doorgeven aan andere hulpverleners.

naar boven

Recht op contact met je familie

Al woont een pleegkind niet thuis, het heeft wel recht op contact met ouders, broers en zussen, opa's en oma's. Pleegkinderen die vroeger lange tijd bij (andere) pleegouders hebben gewoond, hebben ook het recht op contact met hen. Als er geen contact is met ouders, broers of zussen kan een pleegkind aan de voogd of de gezinvoogd vragen om dit te regelen. Als de voogd of de gezinvoogd dat niet doet, kan een pleegkind de kinderrechter vragen om te beslissen of het pleegkind diens familie mag zien en hoe vaak.

Recht om te klagen

Een pleegkind heeft altijd het recht om te zeggen waar het ergens niet mee eens is. Het maakt niet uit hoe oud het pleegkind is. Als een pleegkind ontevreden is over de voogd, gezinsvoogd of de pleegouders dan kan het kind hierover met de pleegzorgbegeleider praten. Als een pleegkind ontevreden is over de pleegzorgbegeleider dan kan het kind hierover met de voogd of de gezinsvoogd praten. Als het pleegkind niet met deze mensen wil praten, kan het kind met de vertrouwenspersoon praten. Deze vertrouwenspersoon mag hierover niet met andere mensen praten als het pleegkind dat niet wil. Een pleegkind kan een klacht indienen als het vindt dat de voogd, gezinsvoogd of de pleegzorgbegeleider hem/haar niet goed behandelen. Meestal wordt geprobeerd het probleem uit te praten. De kinderrechtswinkel of vertrouwenspersoon van jeugdzorg kunnen hierbij helpen.

naar boven